Anope 1.8.9.3131 - OperServ
    Catalan . German . English . Spanish . French . Greek . Hungarian . Italian . Dutch . Polish . Portuguese . Russian . Turkish .
    | NickServ | ChanServ | OperServ | MemoServ | HostServ | BotServ |

  • HELP
    	OperServ commando's:
    
    
  • GLOBAL
    	Gebruik: GLOBAL bericht
    
    	Stelt Administrators in staat om berichten te versturen
    	naar alle gebruikers op het netwerk. Berichten zullen
    	verstuurd worden vanaf de nick OperServ.
    
    
  • STATS
    	Gebruik: STATS [AKILL | ALL | RESET]
    
    	Zonder een optie wordt het huidig aantal gebruikers en IRCops
    	online (zonder Services), het hoogste aantal gebruikers
    	gelijktijdig online sinds Services zijn gestuurd, en hoe lang
    	de Services al online zijn weegegeven.
    
    	Met de AKILL optie worden de huidige grootte van de AKILL
    	lijst en de huidige standaard verloop-tijd weergegeven.
    
    	De ALL optie is alleen beschikbaar voor Services administrators
    	en geeft informatie over het geheugen gebruik van Services.
    	Het gebruiken van dit commando van er voor zorgen dat de Services
    	gedurende een korte tijd niet meer reageren indien ze gebruikt
    	worden op een groot netwerk, dus gebruik het niet te vaak!
    
    	De ALL optie stelt momenteel het maximum aantal gebruikers in
    	op het aantal gebruikers dat momenteel aanwezig is op het netwerk.
    
    	UPTIME kan als een synoniem voor STATS gebruikt worden.
    
    
  • OPER
    	Gebruik: OPER ADD nick
    	         OPER DEL {nick | entry-nr | lijst}
    	         OPER LIST [mask | lijst]
    	         OPER CLEAR
    
    	Stelt Services Root in staat om nicknames toe te
    	voegen of te verwijderen uit de Services operator lijst. Een
    	gebruiker van wie de nickname op de Services operator lijst
    	staat en die geidentificeerd is bij OperServ zal in staat
    	zijn om de Services operator commando's te gebruiken.
    
    	Het OPER ADD commando voegt de opgegeven nickname toe aan
    	de Services operator lijst.
    
    	Het OPER DEL commando verwijdert de opgegeven nickname van
    	de Services operator lijst. Als een lijst van entry-nummers is
    	opgegeven worden die verwijderd.
    	(Zie ook het voorbeeld van LIST hier onder.)
    
    	Het OPER LIST commando geeft de Services operator lijst weer.
    	Als een mask met een * is gegeven, worden alleen de gebruikers
    	die overeenkomen met het opgegeven mask weergegven. Als een lijst
    	van entry-nummers is opgegeven worden alleen die weergegeven.
    	Bijvoorbeeld:
    
    	   OPER LIST 2-5,7-9
    	      Geeft Services operator nummer 2 t/m 5 en 7 t/m 9 weer.
    
    	Het OPER CLEAR commando verwijdert alle nicks van de Services
    	operator lijst.
    
    	Elke IRCop mag OPER LIST gebruiken.
    
    
  • ADMIN
    	Gebruik: ADMIN ADD nick
    	         ADMIN DEL {nick | entry-nr | lijst}
    	         ADMIN LIST [mask | list]
    	         ADMIN CLEAR
    
    	Stelt de Services root in staat om nicknames toe te voegen of
    	te verwijderen uit de Services administrator lijst. Een
    	gebruiker van wie de nickname op de Services administrator
    	lijst staat en die geidentificeerd is bij OperServ zal in staat
    	zijn om de Services administrator commando's te gebruiken.
    
    	Het ADMIN ADD commando voegt de opgegeven nickname toe aan
    	de Services administrator lijst.
    
    	Het ADMIN DEL commando verwijdert de opgegeven nickname van
    	de Services administrator lijst. Als een lijst van entry-nummers is
    	opgegeven worden die verwijderd.
    	(Zie ook het voorbeeld van LIST hier onder.)
    
    	Het ADMIN LIST commando geeft de Services administrator lijst weer.
    	Als een mask met een * is gegeven, worden alleen de gebruikers
    	die overeenkomen met het opgegeven mask weergegven. Als een lijst
    	van entry-nummers is opgegeven worden alleen die weergegeven.
    	Bijvoorbeeld:
    
    	   ADMIN LIST 2-5,7-9
    	      Geeft Services administrator nummer 2 t/m 5 en 7 t/m 9 weer.
    
    	Het ADMIN CLEAR commando verwijdert alle nicks van de Services
    	adminisrator lijst.
    
    	Elke IRCop mag ADMIN LIST gebruiken. De rest is gelimiteerd tot
    	Services root.
    
    
  • IGNORE
    	Gebruik: IGNORE {ADD|DEL|LIST|CLEAR} [tijd] [nick | mask]
    
    	Stelt Services administrators in staat de Services een nick
    	of mask voor een bepaalde tijd of tot de volgende herstart te
    	laten negeren. Standaard wordt de tijd gegeven in seconden.
    	Je kan de tijd opgegeven met behulup van units. Geldige units
    	zijn: s voor seconden, m voor minuten, h voor uren
    	en d voor dagen. Combinaties hiervan zijn niet toegestaan.
    	Om Services iemand permanent te laten negeren kun je 0 opgeven als tijd.
    	Als je een mask toevoegd moet deze in volgende format zijn:
    	user@host of nick!user@host, iets anders wordt een nick beschouwd.
    	Wildcards zijn toegestaan.
    
    	IRC Operators zullen niet genegeerd worden, zelfs al komen
    	ze overeen met een mask uit de lijst.
    
    
  • MODE
    	Gebruik: MODE kanaal modes
    
    	Stelt Services operators in staat om de modes van elk willekeurig
    	kanaal in te stellen. De paramenters zijn het zelfde als bij een
    	standaard /MODE commando.
    
    
  • UMODE
    	Gebruik: UMODE gebruiker modes
    
    	Stelt Super Admins in staat gebruikersmodes van
    	elke willekeurige gebruiker in te stellen. De paramenters
    	zijn hetzelfde als van een standaard /MODE commando.
    
    
  • OLINE
    	Gebruik: OLINE gebruiker flags
    
    	Stelt Super Admins in staat om Operflags te geven
    	aan elke willekeurig gebruiker. Flags moeten worden vooraf
    	gegeaan door een "+" of een "-". Om alle flags te verwijderen
    	kun je simpelweg een "-" typen in plaats van de flags.
    
    
  • CLEARMODES
    	Gebruik: CLEARMODES kanaal [ALL]
    
    	Verwijdert alle binaire modes (i,k,l,m,n,p,s,t) en bans van
    	een kanaal. Als ALL is opgegeven, worden ook alle ops en
    	voices (+o en +v modes) van het kanaal verwijderd.
    
    
  • KICK
    	Gebruik: KICK kanaal gebruiker reden
    
    	Stelt de staf in staat om een gebruik van elk willekeurig
    	kanaal te kicken. De paramenters zijn hetzelfde als die van
    	een standaard /KICK commando. Het kick-bericht zal de nickname
    	van de IRCop die het KICK commando uitvoert bevatten.
    	Bijvoorbeeld:
    
    	*** Gebruiker has been kicked off channel #mijn_kanaal by OperServ (IRCOp (Misbruik))
    
    
  • AKILL
    	Gebruik: AKILL ADD [+verlooptijd] mask reden
    	         AKILL DEL {mask | entry-nr | lijst}
    	         AKILL LIST [mask | lijst]
    	         AKILL VIEW [mask | lijst]
    	         AKILL CLEAR
    
    	Stelt Services operators in staat de AKILL lijst te beheren.
    	Als een gebruiker die overeenkomt met een AKILL mask probeert
    	te verbinden zullen Services een KILL voor die gebruiker door-
    	voeren en, als het netwerk dit ondersteund, zullen alle servers
    	geinstrueerd worden een ban (K-line) voor het betreffende mask
    	toe te voegen.
    
    	AKILL ADD voeg het gegeven user@host mask toe aan de AKILL
    	lijst met de gegeven reden (die moet worden gegeven).
    	verlooptijd wordt gespecificeerd als een getal waarachter d
    	(dagen), h (uur), of m (minuten) geplaatst wordt. Combinaties
    	(zoals 1h30m) zijn niet toegestaan. Als er geen d, h of m wordt
    	meegegeven, is het standaard dagen (dus +30 zelfstandig betekent
    	30 dagen). Om een AKILL die niet verloopt toe te voegen, gebruik je
    	+0. Als de usermask die toegevoegd moet worden met een + begint,
    	is een verlooptijd verplicht, zelfs als die overeenkomt met de
    	standaard verlooptijd. De huidige standaard verlooptijd voor een
    	AKILL kan gevonden worden met het STATS AKILL commando.
    
    	Het AKILL DEL commando verwijdert het gegeven mask van de AKILL
    	lijst als deze erop staat. Als er een lijst van entry-nummers
    	is opgegeven zullen die verwijderd worden. (Zie het voorbeeld voor
    	LIST hier onder.)
    
    	Her AKILL LIST commando geeft de AKILL lijst weer.
    	Als een mask met een * is gegeven zullen alleen de AKILLs die
    	overeenkomen met het mask worden weergegeven. Als een lijst van
    	entry-nummers is gegeven worden alleen die weergegeven.
    	Bijvoorbeeld:
    
    	   AKILL LIST 2-5,7-9
    	      Geeft AKILLs 2 t/m 5 en 7 t/m 9 weer.
    
    	AKILL VIEW is een versie van AKILL LIST die meer informatie
    	geeft: de naam van degene die de AKILL toe heeft gevoegd, de datum
    	waarop dit gebeurde, waneer deze verloopt, en de user@host mask
    	en de reden.
    
    	AKILL CLEAR maakt de AKILL lijst leeg.
    
    
  • SGLINE
    	Gebruik: SGLINE ADD [+verlooptijd] mask reden
    	         SGLINE DEL {mask | entry-nr | lijst}
    	         SGLINE LIST [mask | lijst]
    	         SGLINE VIEW [mask | lijst]
    	         SGLINE CLEAR
    
    	Stelt Services operators in staat de SGLINE lijst te beheren.
    	Als een gebruiker die overeenkomt met een SGLINE mask probeert
    	te verbinden zullen Services deze gebruiker niet toestaan zijn
    	of haar IRC sessie voort te zetten.
    
    	SGLINE ADD voeg het gegeven user@host mask toe aan de SGLINE
    	lijst met de gegeven reden (die moet worden gegeven).
    	verlooptijd wordt gespecificeerd als een getal waarachter d
    	(dagen), h (uur), of m (minuten) geplaatst wordt. Combinaties
    	(zoals 1h30m) zijn niet toegestaan. Als er geen d, h of m wordt
    	meegegeven, is het standaard dagen (dus +30 zelfstandig betekent
    	30 dagen). Om een SGLINE die niet verloopt toe te voegen, gebruik je
    	+0. Als de usermask die toegevoegd moet worden met een + begint,
    	is een verlooptijd verplicht, zelfs als die overeenkomt met de
    	standaard verlooptijd. De huidige standaard verlooptijd voor een
    	SGLINE kan gevonden worden met het STATS AKILL commando.
    
    	Het SGLINE DEL commando verwijdert het gegeven mask van de SGLINE
    	lijst als deze erop staat. Als er een lijst van entry-nummers
    	is opgegeven zullen die verwijderd worden. (Zie het voorbeeld voor
    	LIST hier onder.)
    
    	Her SGLINE LIST commando geeft de SGLINE lijst weer.
    	Als een mask met een * is gegeven zullen alleen de SGLINEs die
    	overeenkomen met het mask worden weergegeven. Als een lijst van
    	entry-nummers is gegeven worden alleen die weergegeven.
    	Bijvoorbeeld:
    
    	   SGLINE LIST 2-5,7-9
    	      Geeft SGLINEs 2 t/m 5 en 7 t/m 9 weer.
    
    	SGLINE VIEW is een versie van SGLINE LIST die meer informatie
    	geeft: de naam van degene die de SGLINE toe heeft gevoegd, de datum
    	waarop dit gebeurde, waneer deze verloopt, en de user@host mask
    	en de reden.
    
    	SGLINE CLEAR maakt de SGLINE lijst leeg.
    
    
  • SQLINE
    	Gebruik: SQLINE ADD [+verlooptijd] mask reden
    	         SQLINE DEL {mask | entry-nr | lijst}
    	         SQLINE LIST [mask | lijst]
    	         SQLINE VIEW [mask | lijst]
    	         SQLINE CLEAR
    
    	Stelt Services operators in staat de SQLINE lijst te beheren.
    	Als een gebruiker met een nick die overeenkomt met een SQLINE
    	mask probeert zullen Services deze gebruiker niet toestaan zijn
    	of haar IRC sessie voort te zetten.
    
    	Als het eerste teken van een mask een # is, zullen Services
    	voorkomen dat overeenkomende kanalen gebruik worden (mits de
    	IRC servers het ondersteunen).
    
    	SQLINE ADD voeg het gegeven mask toe aan de SQLINE
    	lijst met de gegeven reden (die moet worden gegeven).
    	verlooptijd wordt gespecificeerd als een getal waarachter d
    	(dagen), h (uur), of m (minuten) geplaatst wordt. Combinaties
    	(zoals 1h30m) zijn niet toegestaan. Als er geen d, h of m wordt
    	meegegeven, is het standaard dagen (dus +30 zelfstandig betekent
    	30 dagen). Om een SQLINE die niet verloopt toe te voegen, gebruik je
    	+0. Als de usermask die toegevoegd moet worden met een + begint,
    	is een verlooptijd verplicht, zelfs als die overeenkomt met de
    	standaard verlooptijd. De huidige standaard verlooptijd voor een
    	SQLINE kan gevonden worden met het STATS AKILL commando.
    
    	Het SQLINE DEL commando verwijdert het gegeven mask van de SQLINE
    	lijst als deze erop staat. Als er een lijst van entry-nummers
    	is opgegeven zullen die verwijderd worden. (Zie het voorbeeld voor
    	LIST hier onder.)
    
    	Her SQLINE LIST commando geeft de SQLINE lijst weer.
    	Als een mask met een * is gegeven zullen alleen de SQLINEs die
    	overeenkomen met het mask worden weergegeven. Als een lijst van
    	entry-nummers is gegeven worden alleen die weergegeven.
    	Bijvoorbeeld:
    
    	   SQLINE LIST 2-5,7-9
    	      Geeft SQLINEs 2 t/m 5 en 7 t/m 9 weer.
    
    	SQLINE VIEW is een versie van SQLINE LIST die meer informatie
    	geeft: de naam van degene die de SQLINE toe heeft gevoegd, de datum
    	waarop dit gebeurde, waneer deze verloopt, en de mask en de reden.
    
    	SQLINE CLEAR maakt de SQLINE lijst leeg.
    
    
  • SZLINE
    	Gebruik: SZLINE ADD [+verlooptijd] mask reden
    	         SZLINE DEL {mask | entry-nr | lijst}
    	         SZLINE LIST [mask | lijst]
    	         SZLINE VIEW [mask | lijst]
    	         SZLINE CLEAR
    
    	Stelt Services operators in staat de SZLINE lijst te beheren.
    	Als een gebruiker met een IP wat overeenkomt met een SZLINE
    	mask probeert te verbinden zullen de Services deze verbieden
    	zijn/haar IRC sessie voort te zetten (dit werkt ook als er
    	een werkende reverse hostname bij het IP hoort).
    
    	SZLINE ADD voeg het gegeven IP aan de SZLINE lijst toe
    	met de gegeven reden (die moet worden gegeven).
    	verlooptijd wordt gespecificeerd als een getal waarachter d
    	(dagen), h (uur), of m (minuten) geplaatst wordt. Combinaties
    	(zoals 1h30m) zijn niet toegestaan. Als er geen d, h of m wordt
    	meegegeven, is het standaard dagen (dus +30 zelfstandig betekent
    	30 dagen). Om een SZLINE die niet verloopt toe te voegen, gebruik je
    	+0. Als de usermask die toegevoegd moet worden met een + begint,
    	is een verlooptijd verplicht, zelfs als die overeenkomt met de
    	standaard verlooptijd. De huidige standaard verlooptijd voor een
    	SZLINE kan gevonden worden met het STATS AKILL commando.
    
    	Het SZLINE DEL commando verwijdert het gegeven mask van de
    	SZLINE lijst als deze erop staat. Als een lijst van entry-nummers
    	is gegeven, zullen die verwijderd worden. (Zie het voorbijbeeld
    	bij LIST hier onder.)
    
    	Het SZLINE LIST commando geeft de SZLINE lijst weer. Als er
    	een wildcard mask is gegeven zullen alleen de overeenkomende
    	masks worden weergegeven. Als een lijst van entry-nummers is
    	gegeven zullen alleen die worden weergegeven. Bijvoorbeeld:
    
    	   SZLINE LIST 2-5,7-9
    	      Geeft SZLINE 2 t/m 5 en 7 t/m 9 weer.
    
    	SZLINE VIEW is een meer verbale versie van SZLINE LIST,
    	en geeft weer wie een SZLINE heeft toegevoegd, op welke datum
    	hij/zij dat heeft gedaan, wanneer deze verloopt, en het IP
    	adres en de reden.
    
    	SZLINE CLEAR maakt de SZLINE lijst leeg
    
    
  • SET
    	Gebruik: SET optie instelling
    
    	Stelt verschillende globale Services opties in. Momenteel
    	zijn de volgende opties beschikbaar:
    	    READONLY   Stel alleen-lezen of lezen-schrijven mode in
    	    LOGCHAN    Rapporteer log-berichten naar een kanaal
    	    DEBUG      (De)activeer debug mode
    	    NOEXPIRE   (De)activeer de geen-verloop mode
    	    SUPERADMIN (De)activeer SuperAdministrator mode
    	    SQL   	 Activate or deactivate sql mode
    	    IGNORE     Activate or deactivate ignore mode
    	    LIST       List the options
    
    
  • SET READONLY
    	Gebruik: SET READONLY {ON | OFF}
    
    	Zet de alleen-lezen mode aan of uit. In alleen-lezen mode
    	zullen normale gebruikers niet in staat zijn data van de
    	Services te wijzigen, inclusief kanaal toegangslijsten,
    	nickname alias lijst, etc. IRCops met voldoende Services
    	rechten kunnen de Services' AKILL lijst wijzigen, en nicknames
    	en kanalen droppen of verbieden, maar deze veranderingen
    	zullen niet worden opgeslagen behalve als de alleen-leze mode
    	wordt uitgeschakeld voordat de Services uitgezet of opnieuw
    	gestart worden.
    
    	Deze optie komt overeen met de commandline-optie -readonly.
    
    
  • SET LOGCHAN
    	Gebruik: SET LOGCHAN {ON | OFF}
    
    	Wanneer deze optie aan staat zullen Services de log-berichten
    	naast de log-bestanden ook naar een gespecificeerd kanaal
    	sturen. LogChannel moet ik ook gedefineerd zijn in het Services
    	configuratie bestand om deze instelling bruikbaar te laten zijn.
    
    	Deze optie komt overeen met de commandline-optie -logchan.
    
    	Let op: Dit kan grote beveiligingsimplicaties met zich mee
    	bregen als het log-kanaal niet goed beveiligd is.
    
    
  • SET DEBUG
    	GEBRUIK: SET DEBUG {ON | OFF | nummer}
    
    	Zet debug mode aan of uit. In debug mode zal alle data die
    	naar en van Services verzonden worden, alsmede een aantal
    	debug-berichten, naar het log-bestand geschreven worden.
    	Als nummer is gegeven zal debug mode worden geactiveerd met
    	het debug-niveau op nummer
    
    	Deze optie komt overeen met de commandline-optie -debug.
    
    
  • SET LIST
    	Gebruik: SET LIST
    
    	Geef de verschillende OperServ instellingen weer.
    
    
  • SET NOEXPIRE
    	Gebruik: SET NOEXPIRE {ON | OFF}
    
    	Zet de geen-verloop mode aan of uit. In de geen-verloop mode
    	zullen nicks, kanalen, AKILLs en uitzonderingen niet verlopen
    	totdat de geen-verloop mode weer wordt uitgezet.
    
    	Deze optie komt overeen met de commandline-optie -noexpire.
    
    
  • SET SQL
    	Gebruik: SET SQL {ON | OFF}
    
    	Deze instelling schakelt Anope's SQL gebruik. Zo kan al het SQL
    	verkeer worden uitgezet als de SQL server onbereikbaar wordt
    	terwijl services nog draaien.
    
    
  • SET SUPERADMIN
    	Gebruik: SET SUPERADMIN {ON | OFF}
    
    	Als je dit aan zet krijg je extra privileges, zo ben je dan
    	bijvoorbeeld stichter op alle kanalen, etc...
    
    	Deze optie is niet persistent, en moet alleen gebruikt worden
    	wanneer het echt nodig is, en terug op OFF gezet worden als het
    	niet meer nodig is.
    
    
  • NOOP
    	Gebruik: NOOP SET server
    	         NOOP REVOKE server
    
    	NOOP SET verwijder alle O:lines van de gegeven server
    	en /KILLt alle IRCops die momenteel verbonden zijn met de
    	server om te voorkomen dat ze de server rehashen, omdat
    	dit het effect weer ongedaan zou maken.
    
    	NOOP REVOKE maakt alle verwijderde O:lines op de gegeven
    	server weer beschikbaar.
    
    	Pas op: De server wordt niet gecontroleerd door Services.
    
    
  • JUPE
    	GEBRUIK: JUPE server [reden]
    
    	Zorgt ervoor dat Services de opgegeven server "jupiteren".
    	Dit betekent dat er een nep "server" die verbonden is aan
    	Services gemaakt wordt, die voorkomt dat de echte server met
    	die naam verbindt. De JUPE kan worden verwijderd met een
    	standaard SQUIT commando. Als een reden is gegeven, wordt
    	deze in het server informatie veld geplaatsd, anders zal het
    	informatie veld de text "Juped by " bevatten, waar
    	 vervangen wordt door de  die de server JUPEt.
    
    
  • RAW
    	Gebruik: RAW text
    
    	Stuurt text direct naar de server waarmee Services verbonden
    	zijn. Dit commando heeft een beperkt aantal mogelijkheden, en
    	kan voor chaos zorgen op een netwerk als het onjuist gebruikt
    	wordt. GEBRUIK DIT COMMANDO NIET tenzij je absoluut zeker
    	bent van wat je doet!
    
    
  • UPDATE
    	Gebruik: UPDATE
    
    	Zorgt ervoor dat Services de database bestanden op de harde
    	schijf bijwerken zodra je dit commando vertsuurt.
    
    
  • RELOAD
    	Gebruik: RELOAD
    
    	Zorgt ervoor dat Services het configuratie-bestand opnieuw
    	inladen. Let er wel op dat sommige instellingen nog steeds
    	vereisen dat de Services opnieuw gestart worden (bijvoorbeeld
    	Services' nicknames, activatie van de sessie limiet, etc.)
    
    
  • QUIT
    	Gebruik: QUIT
    
    	Zorgt ervoor dat Services meteen afsluiten: databases worden
    	niet opgeslagen. Dit commando moet niet gebruikt worden
    	tenzij schade aan de kopieen van de databases in het geheugen
    	wordt gevreesd en ze niet moeten worden opgeslagen. Voor
    	normaal afsluiten moet je het SHUTDOWN commando gebruiken.
    
    
  • SHUTDOWN
    	Gebruik: SHUTDOWN
    
    	Zorgt ervoor dat Services alle databases opslaat en dan
    	afsluit.
    
    
  • RESTART
    	Gebruik: RESTART
    
    	Zorgt ervoor dat Services alle databases opslaat en dan
    	opnieuw opstart.
    
    
  • CHANLIST
    	Gebruik: CHANLIST [{trefbeeld | nick} [SECRET]]
    
    	Geeft alle kanalen weer die momenteel in gebruik zijn op het
    	IRC netwerk, ook de kanalen die niet geregistreerd zijn.
    
    	Als trefbeeld is gegeven, worden alleen overeenkomende
    	kanalen weergegeven. Als een nick is gegeven worden
    	alleen de kanalen waar de betreffende gebruiker aanwezig is
    	weergegeven. Als SECRET is gegeven worden alleen kanalen
    	die met trefbeeld overeenkomen en +s of +p mode hebben.
    
    
  • USERLIST
    	Gebruik: USERLIST [{trefbeeld | kanaal} [INVISIBLE]]
    
    	Geeft alle gebruikers weer die momenteel online zijn op het
    	IRC netwerk, ook degenen die niet geregistreerd zijn.
    
    	Als trefbeeld is gegeven worden alleen overeenkomende
    	gebruikers weergegeven (het moet in het nick!user@host
    	formaat gegeven worden. Als kanaal is gegeven worden
    	alleen gebruikers die op het betreffende kanaal zijn
    	weergegeven. Als INVISBLE is gespecifificeerd worden alleen
    	gebruikers met gebruikersmode +i weergegeven.
    
    
  • EXCEPTION
    	Gebruik: EXCEPTION ADD [+verloop] mask limiet reden
    	         EXCEPTION DEL {mask | lijst}
    	         EXCEPTION MOVE nr positie
    	         EXCEPTION LIST [mask | lijst]
    	         EXCEPTION VIEW [mask | lijst]
    
    	Staat Services admin toe de lijst van hosts met een specifieke
    	sessielimit aan te passen, zodat zeker machines, bijvoorbeeld
    	shell servers, meer dan het standaard aantal clients kunnen
    	hebben. Zodra een host zijn seesie limiet bereikt, zullen alle
    	client die proberen vanaf die host te verbinen worden gekilled
    	Voor de gebruiker wordt gekilled wordt deze geinformeerd via
    	een /NOTICE van OperServ, van een bron van hulp aangaande sessie
    	limitering. The inhoud van deze notice is een configuratie
    	optie.
    
    	EXCEPTION ADD voegt de gegeven hostmask toe aan de
    	uitzonderingenlijst. Let op: nick!user@host en user@host
    	zijn ongeldig! Alleen echte host masks, zoals box.host.dom
    	en *.hot.dom, zijn toegestaan omdat sessie limitering geen
    	rekening houdt met nicks of usernames. limiet moet een nummer
    	groter dan of gelijk aan 0 zijn. Dit bepaalt hoe veel sessies
    	deze host tegelijkertijd mag hebben. Een waarde van 0 betekent
    	dat de host een ongelimiteerde sessielimiet heeft. Bekijk de
    	AKILL help voor details of het formaat van de optionele
    	verloop paramenter.
    	EXCEPTION DEL verwijdert het gegeven mask van de
    	uitzonderingenlijst.
    	EXCEPTION MOVE verplaatst uitzondering nr naar positie.
    	De tussenliggende uitzondering worden omhoog of omlaag
    	geschoven om het gat te vullen.
    	EXCEPTION LIST en EXCEPTION VIEW geven alle huidige
    	uitzonderingen weer; als het optionele mask is gegeven wordt de
    	lijst gelimiteerd tot uitzondering overeenkomend het het
    	gegeven mask. Het verschil is dat EXCEPTION VIEW meer
    	informatie geeft: de naam van degene die de uitzondering
    	aangemaakt heeft, de bijbehorende sessielimiet, reden, hostmask
    	en de verloop datum en tijd.
    
    	Let op: een verbindinde client zal de eerste uitzondering die
    	met zijn host overeenkomt "gebruiken". Grote uitzonderingen-
    	lijsten en breed overeenkomende uitzondering-masks zullen
    	zeer waarschijnlijk de prestaties van de services verminderen.
    
    
  • SESSION
    	Gebruik: SESSION LIST drempel
    	         SESSION VIEW host
    
    	Stelt Services admins instaat de sessie lijst te bekijken.
    
    	SESSION LIST geeft hosts weer met tenminste drempel
    	sessies weer. Deze drempel moet een nummer groter dan 1 zijn.
    	Dit is om te verkomen dat je perongeluk het grote aantal
    	hosts met maar 1 sessie weergeeft.
    	SESSION VIEW geeft gedetailleerde informatie weer over een
    	specifieke host, inclusief het huidige aantal sessies en de
    	sessie limiet. De host waarde mag geen wildcards bevatten.
    
    	Bekijk de EXCEPTION help voor meer informatie over sessie
    	limiteringen en hoe sessie limieten in te stellen voor
    	specifieken hosts en groepen daarvan.
    
    
    
  • CHANKILL
    	Gebruik: /msg OperServ CHANKILL [+expiry] channel reason
     
    	Syntax: CHANKILL [+expiry] channel reason
    
    	Plaatst een AKILL voor elke nick op een gegeven kanaal. Het
    	gebruikt de complete en echte ident@host voor elke nick,
    	en forceerd dan een AKILL.
    
    
    
  • DEFCON
    	Gebruik: /msg OperServ DEFCON [1|2|3|4|5]
     
    	Syntax: DEFCON [1|2|3|4|5]
    
    	Het defcon systeem kan gebruikt worden om een vooraf bepaalde
    	set van restricties op de services toe te passen tijdens een
    	aanval op het netwerk.
    
    
  • DEFCON AKILL NEW CLIENTS
    	* AKILL elke nieuwe client die connecteerd
    
  • DEFCON FORCE CHAN MODES
    	* Forceer Kanaal Modes (OperServ) op alle kanalen
    
  • DEFCON NO MLOCK CHANGE
    	* Geen MLOCK veranderingen
    
  • DEFCON NO NEW CHANNELS
    	* Geen nieuwe channel registratie's
    
  • DEFCON NO NEW CLIENTS
    	* Kill elke nieuwe client die connecteerd
    
  • DEFCON NO NEW MEMOS
    	* Geen nieuwe memo's verzenden
    
  • DEFCON NO NEW NICKS
    	* Geen nieuwe nick registratie's
    
  • DEFCON ONLY
    	* Negeer elke non-oper met een boodschap
    
  • DEFCON REDUCE SESSION
    	* Gebruik de beperkte sessie limiet van %d
    
  • DEFCON SILENT ONLY
    	* Negeer non-opers
    
  • LOGGED
    	Waarschuwing: Alle commando's die naar OperServ gestuurd worden worden gelogd!
    
    
  • MODINFO
    	Gebruik: MODINFO bestandsnaam
    
    	Dit command geeft informatie weer over de gespecificeerde
    	geladen module.
    
    
  • MODLIST
    	Gebruik: MODLIST [Core|3rd|protocol|encryption|supported|qatested]
    
    	Geeft alle momenteel geladen modules weer.
    
    
    
    
    
  • MODLOAD
    	Gebruik: MODLOAD bestandsnaam
    
    	Dit commando laadt de module genaamd bestandsnaam uit de
    	modules directory.
    
    
  • MODUNLOAD
    	Gebruik: MODUNLOAD bestandsnaam
    
    	Dit commando ontlaadt de module genaamd bestandsnaam uit
    	de modules directory.
    
    
  • SVSNICK
    	Gebruik: SVSNICK nick nieuwe nick
    
    	Veranderd een gebruiker's nick van nick naar nieuwe nick.
    	Gelimiteerd tot Super Admins.